8.1 De resultaten van ons onderwijs

Wij zijn doorlopend bezig met het bewaken van de resultaten van ons onderwijs. Met name op het gebied van rekenen, taal, spelling en lezen stellen wij hoge eisen aan de leerlingen en aan onszelf. We houden structureel de tussenresultaten bij, analyseren deze en maken zo nodig een plan om ons onderwijs bij te stellen.

In groep 7 nemen we de CITO-entreetoets af. De eind-resultaten worden bepaald door de CITO-eindtoets in groep 8.

De onderbouw (groep 1 en 4)

Voor taalontwikkeling verwachten we goede resultaten; kinderen worden tijdens activiteiten gestimuleerd om hun woordenschat te vergroten door activiteiten en materialen te benoemen. Ze leren hierin ook van andere kinderen. De ouders worden heel intensief betrokken bij het taalonderwijs en onze verwachtingen hieromtrent spreken wij ook duidelijk naar hen uit.

Wij houden de ontwikkeling van elk kind structureel bij. Twee keer per jaar worden toetsen afgenomen volgens het CITO-leerlingvolgsysteem. De groepsleerkracht analyseert de resultaten en stelt samen met de intern begeleider een vervolgtraject op in de vorm van een (groeps-)handelingsplan.

De bovenbouw(groep 5 t/m 8)

De ontwikkeling van elk kind wordt, vaak getoetst en geregistreerd met behulp van het leerlingvolgsysteem op basis van de toetsen van CITO. Daarnaast worden de vorderingen aan de hand van methode gebonden toetsten bijgehouden en geregistreerd. De groepsleerkracht analyseert de resultaten en stelt samen met de intern begeleider een vervolgtraject op in de vorm van een (groeps-)handelingsplan. Om in te spelen op de specifieke behoeften van de individuele leerling staat verbreding, verdieping en herhaling binnen het aanbod centraal.

Deze resultaten komen voort uit:

• observaties om de verschillende aspecten van de ontwikkeling van uw kind bij te houden

• de beoordelingen van het dagelijkse werk van uw kind in de groep

• de methodegebonden toetsen

• de CITO-toetsen lezen, rekenen, woordenschat en begrijpend lezen. En voor groep 2 taal voor kleuters en ordenen.

Ook als school zijn wij ons er terdege van bewust dat er kwaliteit wordt gevraagd.

Wij streven naar een optimale leer- en werkomgeving, waar ieder kind zichzelf kan zijn.

Wij houden rekening met de mogelijkheden van het kind. Wij streven ernaar het maximale uit uw kind te halen.

8.2 Zittenblijven

In het algemeen blijven kinderen één jaar in een groep waarna zij overgaan naar de volgende groep. In bijzondere gevallen en na overleg met ouders/verzorgers kunnen kinderen een jaar langer in een bepaalde groep blijven. Redenen om deze maatregel te nemen zijn:

 

  • Het beheersingsniveau van het kind is op het gebied van lezen, spelling, taal en/of rekenen onvoldoende
  • Een leerling is in zijn ontwikkelingsniveau nog te ‘jong’ om met succes door te gaan met het verdere leerproces
  • Bij anderstalige kinderen kan het gebeuren dat zij een jaargroep lager worden geplaatst dan op grond van hun leeftijd zou mogen worden verwacht. Dit heeft te maken met achterstand op het gebied van taalvaardigheid en sociaal-emotionele ontwikkeling

Zittenblijven behoort tot de uitzonderingen. Het komt meestal voor in de eerste vijf leerjaren van het kind. Mocht een dergelijke beslissing worden genomen, dan wordt er met de ouders/verzorgers uitgebreid over gesproken. Doel van het zittenblijven is dat het kind daarna de basisschool gewoon kan afmaken. Het advies van de school en de reactie van de ouders/verzorgers worden schriftelijk vastgelegd in een verslag.

De uiteindelijke definitieve beslissing of een kind wel of niet over gaat, ligt bij de school.

Het percentage zittenblijvers in het schooljaar 2013-2014 was minder dan 5%.

8.3 Kinderen met extra talenten

Het komt natuurlijk voor dat kinderen meer- of hoogbegaafd zijn.

Deze kinderen vragen ook de nodige aandacht. In eerste instantie heeft elke methode verdiepingsstof, waar deze kinderen mee aan de slag kunnen. Mocht het vermoeden bestaan dat er sprake is van hoogbegaafdheid dan moet dit eerst vastgesteld worden d.m.v. pedagogisch didactisch onderzoek. Er kan dan een aanvullend programma worden opgesteld. Een andere mogelijkheid is een groep overslaan. Die beslissing wordt niet lichtzinnig genomen. Samen met alle betrokkenen moet worden gekeken of het kind dit, met name sociaal-emotioneel, nu en in de toekomst aankan. Ook deze beslissing wordt schriftelijk vastgelegd.

8.4 Toetsen

Om de ontwikkeling van uw kind goed te kunnen volgen worden toetsen afgenomen. De volgende toetsen worden gebruikt:

Groep 1 en 2

Mede aan de hand van CITO-toetsen wordt besloten of de kinderen kunnen doorstromen naar groep 3.

Groep 3 t/m 8

Algemeen:

In alle groepen worden taal- en rekentoetsen afgenomen die bij de verschillende methoden horen. Aan de hand hiervan worden o.a. de cijfers voor de rapporten bepaald.

Lezen:

Voor het voortgezet technisch lezen wordt driemaal per jaar het leesniveau van de kinderen bepaald. Voor een goede ontwikkeling worden kinderen aan het eind van groep 3 geacht op E3 niveau te kunnen lezen. Uiterlijk halverwege groep 6 dient het E6 niveau te zijn bereikt.

Groep 5 t/m 8

In deze groepen worden ook aanvullende toetsen afgenomen voor de onderdelen uit onze nieuwe methode “4X Wijzer”.

CITO-leerlingvolgsysteem:

Er worden CITO-toetsen afgenomen voor technisch lezen, begrijpend lezen, woordenschat en rekenen. Deze toetsen zijn onafhankelijk en laten zien welk niveau kinderen bereikt hebben in vergelijking met de Nederlandse kinderen. De individuele resultaten kunnen altijd door de ouders/verzorgers op school ingezien worden. Ook zijn er gemiddelden per groep beschikbaar.

8.5 Rapporten

Drie maal per jaar ontvangen de kinderen van groep 3 t/m 8 een rapport. Het is een combinatie van een letter- en woordrapport. Het is een verslag van de resultaten van:

 

  • het dagelijks gemaakte werk
  • de methodegebonden toetsen
  • de niet methodegebonden toetsen

In november en in maart is er een gesprek met elke ouder/verzorger. In juni/juli is er de mogelijkheid tot een gesprek voor de ouders/verzorgers die dat willen of op uitnodiging van de leerkracht. Kinderen in groep 1 krijgen nog geen rapport, maar er worden wel gesprekken met ouders gevoerd over de ontwikkeling van hun kind. Kinderen uit groep 2 krijgen een rapport aan het einde van het schooljaar.

De rapportbesprekingen van november en maart zijn verplicht om bij te wonen. Voor de ouders/verzorgers van de kinderen in groep 2 geldt dat voor het rapport aan het eind van het schooljaar.

8.6 Entreetoets

In groep 7 wordt naast de andere toetsen in de tweede helft van het schooljaar de CITO-entreetoets afgenomen. Mocht een kind, vanwege omstandigheden (niveau, ziekte) niet meedoen met de CITO-eindtoets in groep 8, dan is in ieder geval het resultaat van eind groep 7 bekend. Het CITO levert namelijk in oktober ook een voorspelling van de uitslag van de Eindtoets.

Daarnaast zien wij de toets als een voorbereiding op de Eindtoets Basisonderwijs (groep 8) die ons in staat stelt hiaten in de leerstof op te sporen, zodat die onderdelen nog eens extra behandeld kunnen worden.

8.7 Eindtoets groep 8

Tenslotte willen wij nog één toets bespreken, namelijk de Eindtoets in groep 8.

Met deze toets wordt van elke leerling aan het eind van de basisschool het niveau bepaald voor de vakken rekenen, taal en spelling. De kinderen werken er drie ochtenden aan.
Een CITO-eindcijfer zegt niets over de wijze waarop kinderen hebben geleerd om samen te werken of de wijze waarop zij zelfstandig kunnen werken.
Het zegt niets over het beheersen van sociale vaardigheden en niets of kinderen normen en waarden hanteren. De creativiteit van kinderen wordt niet getoetst.

Jaar

landelijk gemiddelde

EN

ons gemiddelde

2012

535.5

528

2013

535

525

2014

535

534.8

8.8 Voortgezet onderwijs (VO)

De school begeleidt kinderen en ouders intensief bij de verwijzing naar het VO.
Het voorlopig advies wordt vastgesteld in december aan de hand van de uitslagen van de CITO-entreetoets. Dit advies wordt besproken met de kinderen en de ouders/verzorgers.
Na de afname van de CITO-eindtoets wordt het definitief advies samengesteld door de leerkracht van groep 8 en voorgelegd aan de directie. De SGB bepaalt uiteindelijk het instroomniveau. Er vindt een zogenaamde “warme overdracht” plaats van PO naar VO.

De school stelt een Onderwijskundig Rapport (OKR) samen (in tweevoud) met daarin alle relevante gegevens van het kind. De school levert een basisschooldocument met daarin de kerngegevens. De directie ondertekent beide exemplaren van het OKR en het basisschooldocument. Een exemplaar van het OKR en het basisschooldocument wordt door de school afgegeven aan de SGB, waar alle kinderen op Bonaire definitief worden ingeschreven. De basisschool houdt altijd een kopie beschikbaar. De school ontvangt een bewijs van inschrijving van SGB.

8.9 Een overzicht van de uitstroom van leerlingen naar de diverse schooltypen

Ieder jaar is de samenstelling van groep 8 weer anders wat betreft de belangstelling of de intelligentie van de kinderen. Daardoor is de uitstroom naar het voortgezet onderwijs elk jaar verschillend. Wij zullen altijd proberen uw kind te begeleiden naar de vorm van voortgezet onderwijs die het beste past bij uw kind. Wij zijn bereid u nader te informeren.

Afgelopen schooljaar was de uitstroom als volgt:

 

Jaar

vmbo

havo/vwo

totaal naar vo

2013

50%

50%

24 ll

2014

40%

60%

25 ll


8.10 Inspectie

De scholen op Bonaire nemen deel aan een verbetertraject wat loopt tot 2016. Gedurende deze periode bezoekt de inspectie de school twee keer per jaar. Een keer per jaar voor een kwaliteitsonderzoek waarbij de groepsleerkrachten worden bezocht, gesprekken plaatsvinden met intern begeleider, ouders/verzorgers, leerkrachten, directie en bestuur. De tweede keer wordt een voortgangsgesprek gevoerd met de directie.
Het laatste kwaliteitsonderzoek heeft plaatsgevonden op 19 september 2013.
Het rapport is begin november definitief vastgesteld. U kunt dit teruglezen op www.onderwijsinspectie.nl.